• Kopen
  • Verkopen
  • Veilingschema
  • Catalogus
  • Over ons
  • Live Bieden
  • Aftersale
  • Mijn AAG
  • REAL ESTATE
  • Wijnen
  • hallo

    THE COLLECTION OF DRS. KOOS DE JONG

    Al tijdens zijn studie kunstgeschiedenis en archeologie aan de UvA raakte drs. Koos de Jong gefascineerd door Chinese kunst. Omdat in Nederland van oudsher de belangstelling vooral uitgaat naar het voor de export bestemde kraakporselein, Blanc de Chine en Chine de commande, wilde hij wat anders en ging vroege Chinese keramiek verzamelen. Vanwege zijn museale loopbaan op het vlak van de Westerse kunst en geschiedenis, moest dat tot aan zijn vroegpensioen in 2009, een privéaangelegenheid blijven. Een groot voordeel was wél, dat hij voor zijn werk veel moest reizen. ‘Tijdens een van deze reizen kocht ik in 1998 in een onooglijk bric-à-brac winkeltje in Macao een geglazuurd steengoed sculptuurtje van het Cizhou-type. Het stelt een jongetje voor dat, leunend op de brede rug van een rustende waterbuffel, blijmoedig de wereld inkijkt. Nadere bestudering wees uit dat het een druppelaartje betrof, deel uitmakend van het schrijf-, kalligrafeer- en schildergerei, dat op de werktafels van literati te vinden was. Met het druppelaartje werd wat water op de inktsteen gesprenkeld, waarmee een stukje gedroogde inkt werd opgelost. De aandoenlijke voorstelling heeft een diepere betekenis want verwijst naar een klassiek filosofisch thema: de menselijke ratio, zelfs dat van een klein jongetje, prevaleert boven de dommekracht van de natuur.’

    Wat hij toen nog niet door had, was dat dit de eerste vroege Chinese miniatuur in de later gestaag groeiende collectie zou vormen. ‘Dat drong pas tot mij door toen het gezelschap kreeg van andere miniaturen en ik mij afvroeg of hier sprake was van een bijzondere objectcategorie en vooral ook wat de functie van deze miniaturen was.’

    Het zou uiteindelijk het onderwerp worden van zijn promotieonderzoek gewijd aan vroege Chinese miniaturen (5000 v. Chr. tot 1424 na Chr.) Deze miniaturen werden aanvankelijk vooral gemaakt van jade en daarmee vergelijkbare steensoorten, brons, keramiek, ivoor, hout amber, lakwerk, goud en zilver, en later ook nog van tal van andere materialen . Deze breedheid in de toegepaste materialen en technieken dwong hem tot een meer synthetische aanpak, waar de meeste onderzoekers zich tegenwoordig juist specialiseren. Het koppelen van al deze gespecialiseerde kennisgebieden leverde verrassende nieuwe inzichten op. ‘Deze gang van zaken maakt duidelijk waar het mij als verzamelaar om te doen is: de mogelijkheid die een eigen collectie biedt om juist ook de materiële aspecten van kunstvoorwerpen intensief te bestuderen. Studies die vaak leiden tot een publicatie. Op den duur valt het gemakkelijker om er afscheid van te nemen, omdat zich dan meestal alweer een ander onderwerp heeft aangediend.’

    Door de combinatie van wetenschappelijke kennis en een goed oog voor bijzondere stukken kon er een verzameling vroege Chinese kunst van hoge kwaliteit worden opgebouwd, die niet alleen uit miniaturen bestaat, zoals in deze veiling te zien is. Het samenstellen daarvan kan geen eenmansactie zijn. Gevraagd naar de rol van Ingeborg de Roode, zijn echtgenote, is het antwoord: ‘haar rol beperkte zich, op een enkele uitzondering na, tot het meebetalen aan stukken die mijn budget te boven gingen. Uiteraard deed zij dat alleen als zij deze stukken ook zelf mooi of interessant vond, maar inhoudelijk heeft zij zich nooit met de collectie bemoeit. Immers, Ingeborg is, in tegenstelling tot mij, geen echte verzamelaar. Zij ‘verzamelt’ eclectisch, d.w.z. zij koopt bijzondere kunstvoorwerpen die heel verschillend van aard zijn en uit de meest uiteenlopende perioden dateren: variërend van een marmeren Romeinse Venus-kop, tot een zeefdruk van Andy Warhol uit de beroemde Reigning Queens serie of een hedendaags sieraad.

    Van de in deze veiling aangeboden werken zal de meeste aandacht ongetwijfeld uitgaan naar het zwart geglazuurde steengoed Jizhou theekommetje uit de Song-periode. Het werd ooit op de PAN beurs in Amsterdam gekocht, omdat de decoratie van de binnenzijde uitgevoerd in de goudluster-techniek hem in hoge mate intrigeerde. Deze bestaat uit bamboestruiken met daartussen een tekst in Chinese karakters. ‘Door mijn studie van vroege Chinese miniaturen kwam ik er zelf al achter dat bamboe symbool staat voor ambtenaren die in de omgang met de ware machthebbers de nodige innerlijke kracht en buigzaamheid aan de dag moesten leggen. Ik prijs mij gelukkig dat recentelijk door Henri Kerlen in Leiden ook de tekst zelf kon worden ontcijferd.’

    Het bleek te gaan om een zogenaamd geknot vers (jueju) van de beroemde dichter en neo-confucianistische filosoof Zhu Xi (1130-1200). Dit achtste vers uit de tien gedichten, geschreven in het jaar 1185 (Chunxi), over de Stroom van negen bochten (Jiuquxi) in het Wuyi Gebergte in de provincie Fujian luidt:

    In de achtste bocht gaan de slierten mist optrekken,
    het water onder de rots met de trommeltoren kolkt.
    Men kan niet ontkennen dat dit een prachtig gezicht is,
    natuurlijk kunnen de bezoekers hier niet komen.


    Uit de schildering van bamboe en de tekst valt af te leiden dat het kommetje naar alle waarschijnlijkheid heeft gefungeerd als geschenk aan een literaat.

    FILM: Lot 40

    Bijzonder is ook een tweede Jizhou kommetje dat bij een bevriende antiquair in Venetië werd gekocht. Ook dit kommetje is van zwart geglazuurd steengoed, maar de versiering is heel anders dan het vorige. Bij de rood en blauw gespikkelde vlekken gaat het vermoedelijk om de nabootsing van een kleurrijk natuurgesteente. ‘Hoewel het kommetje er betrouwbaar uitzag, lukte het mij heel lang niet om een vergelijkbaar exemplaar te vinden. Enkele jaren geleden kwam ik echter in contact met een verzamelaar in Taiwan, die een tweede vrijwel identiek gedecoreerd exemplaar bezit.’ Inmiddels kan het kommetje met een grote mate van zekerheid worden toegeschreven aan Jizhou en in de Song-periode worden gedateerd.

    Een ander opvallend stuk is de verguld bronzen tijger uit de late Strijdende Rijken-periode of het begin van de Westelijke Han-dynastie (ca. 250-200 v. Chr.). Het gaat hier vrijwel zeker om een gewicht, maar wetenschappers zijn er nog steeds niet uit of deze werden gebruikt voor het verzwaren van textiel of van rolschilderingen. Een gelukkige omstandigheid is, dat de nog aanwezige keramische kern door een TL-test in Oxford kon worden gedateerd. De authenticiteit van de turkooizen waarmee de ogen zijn ingelegd werd getest in een laboratorium van de VU in Amsterdam.

    Drs. Koos de Jong is op dit moment bezig met zijn promotie. Mede door een aankomende verhuizing en een met regelmaat verschuivend interessegebied werd besloten de lang gekoesterde collectie te verkopen. ‘Op een gegeven moment is het af, klaar. Zoals eerder gezegd: daarna valt het gemakkelijker om er afscheid van te nemen.’

    FILM: HIGLIGHTS OF THE COLLECTION - Een interview met Drs. Koos de Jong